Onredelijke schuldeiser moet straks verplicht meewerken aan redding bedrijf

18 aug Onredelijke schuldeiser moet straks verplicht meewerken aan redding bedrijf

Crediteuren en aandeelhouders die onredelijk dwarsliggen bij de sanering van schulden van een onderneming buiten faillissement, moeten kunnen worden gedwongen om mee te werken aan de redding van het bedrijf met financiële problemen. Dit wil minister Opstelten van Veiligheid en Justitie mogelijk maken. Doel is de problematische schulden praktisch, snel en met zo min mogelijk kosten aan te pakken om het bedrijf van de ondergang te redden. Dit blijkt uit een wetsvoorstel dat voor advies naar verschillende instanties is gestuurd.

De rechter kan onredelijke schuldeisers en aandeelhouders nu niet dwingen om mee te werken aan een akkoord. Hierdoor blijft er voor ondernemingen met financiële problemen vaak niets anders over dan een faillissement aan te vragen. Dat is onwenselijk, want het leidt bijvoorbeeld tot hoge kosten voor crediteuren (zij krijgen vaak niets), scherpe daling van de bedrijfswaarde en verlies van arbeidsplaatsen. Dit verandert met het wetsvoorstel. Een ruime meerderheid van schuldeisers en aandeelhouders is straks voldoende om de schulden te saneren. Degenen die op onredelijke gronden tegen het akkoord blijven, krijgen van de rechter opdracht mee te werken. Dat geldt echter niet als zij op basis van het akkoord minder zouden krijgen dan bij een faillissement.

Akkoord tussen onderneming en schuldeisers

Een akkoord tussen de onderneming en haar schuldeisers en aandeelhouders kan straks de basis vormen voor de sanering van schulden. Schuldeisers stemmen er bijvoorbeeld mee in dat zij later worden terugbetaald of in plaats van terugbetaling aandelen ontvangen. Aandeelhouders gaan daarmee akkoord of werken mee aan de uitgifte van extra aandelen aan een verschaffer van nieuw kapitaal. De nieuwe regeling ziet niet op werknemers: hun positie in geval van veranderde bedrijfseconomische omstandigheden wordt geregeld in de Wet Werk en Zekerheid.

Wetgevingsprogramma

De regeling maakt deel uit van het wetgevingsprogramma ‘Herijking Faillissementsrecht’ dat het reorganiserend vermogen van bedrijven bevordert, de bestrijding van faillissementsfraude versterkt en de faillissementsprocedure moderniseert. Met het wetgevingsprogramma wil de bewindsman vooral praktische oplossingen bieden voor concrete problemen, als steun in de rug voor het bedrijfsleven.

Noodkrediet

Opstelten versterkt hiermee ook de positie van financiers die noodkrediet willen verschaffen. Voor de redding van een onderneming is vaak noodkrediet nodig, maar dat is niet zonder risico. Daarom willen geldschieters er graag voldoende zekerheid voor. Als de redding mislukt en de onderneming toch failliet gaat, komt het voor dat de curator ten gunste van de andere crediteuren een streep zet door de zekerheidsstelling. De verschaffer van het noodkrediet blijft dan met lege handen achter. Opstelten vindt dat onwenselijk, omdat alle crediteuren ervan profiteren als de redding wel slaagt.